'Wees blij dat het niets is' |
|
|
|
Sinds kort weerklinkt op Radio 1 af en toe de single ‘Het is niets’. In dit nummer fluistert ene Stefaan Van Brabandt de luisteraar met breekbare stem bemoedigende woorden toe. Als singer-songwriter is dit Van Brabandts debuut, maar in de theaterwereld is deze Antwerps-Oudenaardse duivel-doet-al zeker geen onbekende. De homo universalis is nog niet uitgestorven, zo lijkt het wel. Stefaan Van Brabandt is waarschijnlijk het best bekend als de gestoorde superfan van Bart De Pauw uit de tv-serie ‘Het geslacht De Pauw’, maar daarnaast doet hij nog meer, veel meer. Hij is een vast lid van Compagnie De Koe, het theatergezelschap van Peter Van den Eede en veel van de stukken die zij op de planken brengen, dragen overduidelijk Van Brabandts stempel: tobberig en somber, maar tegelijk vol spitsvondige, sprankelende humor. Met de regelmaat van de klok duikt hij ook op in reclamespots en in videoclips. Alsof dat alles nog niet volstaat schrijft Van Brabandt ook scenario’s... en nu verrast hij ons dus met zijn debuutsingle, die werd geproduced door Tom Pintens (Zita Swoon). Je bent al een enkele jaren afgestudeerd aan de kleinkunstafdeling van Studio Herman Teirlinck. Waarom duurde het zo lang voor deze eerste single er kwam? Van Brabandt: Ik was daar toen nog niet klaar voor, vond ik. Ik had wel al een pak nummers geschreven, maar ik was nooit echt volledig tevreden over de muziek. Ik was nog op zoek naar een eigen stem en een oorspronkelijk geluid. Pas sinds vorig jaar vind ik mezelf en m'n muziek rijp genoeg om ermee naar buiten te komen. Vandaag de dag maken meer en meer zangers nummers in het dialect, maar jij kiest resoluut voor de standaardtaal. Waarom? Van Brabandt: Daar zit niet echt een bepaalde beweegreden achter. Ik heb er gewoon nooit aan gedacht om liedjes in het dialect te schrijven. Daarvoor beheers ik trouwens te weinig een eigen dialect. Het standaardnederlands is mijn moedertaal. In het verleden kon je al rekenen op de hulp van gerenommeerde muzikanten als Patrick Riguelle en Bert Embrechts, maar die zijn nu niet meer van de partij. Van Brabandt: Nee, zij hebben jaren geleden m'n afstudeerproject begeleid, en Bert is nadien occassioneel blijven meespelen, maar nadien ben ik gestopt met die groep. Ik wou een ander geluid. Ik ben zelf beginnen prutsen op de computer, en zo heb ik m'n eigen stijl gevonden. Is het de bedoeling om deze muziek ook live brengen? Van Brabandt: Ja, absoluut. Ik treed op met m'n computer en m'n gitaar. Dus niet meer met een groep achter mij. Het is in het begin misschien een vreemd zicht, maar ik voel me er goed bij. Het is tegenwoordig haast bon ton voor zangers om te beginnen acteren en voor acteurs om te beginnen zingen. Liggen die disciplines dan zo dicht bij elkaar? Van Brabandt: Nee, ik beschouw mezelf ook niet als een acteur. Ik maak gewoon dingen. En soms is dat theater of poëzie, en soms is dat muziek. Wat ik vertel, is in wezen hetzelfde, alleen het medium waarvan ik me bedien verschilt soms. Al je werk ademt een enorme melancholie uit. Waar komt die vandaan? Van Brabandt: Ik probeer toch minder en minder voor het eenduidige pessimisme te gaan. ‘Het is niets’ is eigenlijk een lofzang op het leven: wees blij dat het niets is, dan kan je er zelf alles van maken. [sh] ------------------- Relevante links: Stefaan Van Brabandt @ MySpace Dit artikel verscheen op 1 juli 2006 op www.metrotime.be |
|